Buitenlandse vermogen / inkeerregeling?

De Belastingdienst is al geruime tijd actief om mensen met buitenlandse bankrekeningen op te sporen en hen ertoe te bewegen deze in Nederland aan te geven. Daar heeft de fiscus allerlei middelen en bevoegdheden voor. Deze gaan erg ver, zoals wij in het hiernavolgende toelichten.

Gevolgen ontdekking buitenlands vermogen
Als de Belastingdienst niet aangegeven buitenlands zelf vermogen op het spoor komt, dan kunnen de gevolgen aanzienlijk zijn. Normaliter kan de Belastingdienst tot twaalf jaar terug belasting over buitenlands inkomen en vermogen navorderen. Als de in het buitenland gestalde gelden uit erfenissen of schenkingen afkomstig zijn, kan deze termijn zelfs onbeperkt zijn. Naast de belasting is ook heffingsrente of belastingrente verschuldigd. Deze rente kan behoorlijk oplopen. De Belastingdienst kan bovendien stevige boetes opleggen, tot 300% van de nagevorderde belasting in geval van box 3-inkomen. Bij substantiële verzwegen bedragen bestaat daarnaast de mogelijkheid van strafvervolging.

Inkeerregeling
Mocht uw buitenlands vermogen nog volledig buiten beeld zijn bij de fiscus en er geen redenen zijn om aan te nemen dat de Belastingdienst dit op korte termijn zelf zou ontdekken, bijvoorbeeld vanwege een onderzoek, dan kunnen de voornoemde gevolgen mogelijkerwijs enigszins worden verzacht door middel van een beroep op de zogeheten inkeerregeling, ook wel vrijwillige verbetering genoemd. Deze regeling komt er op neer dat de belasting over de afgelopen twaalf jaar wordt nagevorderd, waarbij over de twee meest recente belastingjaren geen boete wordt opgelegd en over de eerdere jaren in beginsel een boete van 60% van de nagevorderde belasting. Ook in dit geval is heffingsrente of belastingrente verschuldigd. Strafvervolging is dan in principe uitgesloten.

Rechtsbijstand
Mocht u beschikken over nog niet aangegeven buitenlands vermogen, overwegen om een beroep te doen op de inkeerregeling of al post hebben ontvangen van de Belastingdienst waarin dit vermogen ter sprake komt, dan is het raadzaam om professionele hulp in te roepen. De advocaten en belastingadviseurs van Russo Van der Waal hebben op dit terrein ruime ervaring en zijn u hierbij graag van dienst.

In het hiernavolgende gaan wij in op een aantal zaken waar u zoals tegenaan kunt lopen indien u in een geschil met de fiscus verzeild raakt over buitenlands inkomen of vermogen.

Reikwijdte informatie tipgevers
Een minimale hoeveelheid aan informatie bij de Belastingdienst over betrokkenheid bij buitenlands vermogen kan de aanleiding zijn voor enorme financiële gevolgen. Een bekend voorbeeld is de microfiche met namen van rekeninghouders, bankrekeningnummers en banksaldi per 31 januari 1994 bij Kredietbank Luxemburg. Meer informatie stond er feitelijk niet op. Op basis van deze summiere gegevens zijn echter aanslagen en vergrijpboeten over vele jaren opgelegd, wat in de rechtspraak grotendeels toelaatbaar is geacht. De redenering die daarbij doorgaans is gevolgd, is dat de gegevens op de microfiche een redelijk vermoeden opleveren dat iemand op 31 januari 1994 rekeninghouder was bij genoemde bank, dat bankrekeningen niet zomaar plegen te verdwijnen en dat dit dus om nadere uitleg vraagt van de betrokken persoon. Blijft deze uitleg achterwege, dan gaat de Belastingdienst er doorgaans vanuit dat men nog steeds beschikt over de betreffende rekeningen en blijft men zo iemand bestoken met vragenbrieven en aanslagen.

Dit geldt uiteraard niet alleen voor rekeninghouders bij Kredietbank Luxemburg, maar ook bij andere banken die de Belastingdienst door (anonieme) tipgevers dan wel op andere wijze in het vizier heeft gekregen. Niet uit te sluiten valt dat zich in het toekomst wederom tipgevers zullen melden, de Hoge Raad heeft er geen problemen mee dat zij anoniem blijven en de Belastingdienst de met hen gemaakte afspraken geheim houdt.

Meewerkverplichting
Doorgaans begint het met een vragenbrief van de inspecteur. Ontvangt u een dergelijke brief, dan bent u in principe verplicht de gevraagde gegevens en inlichtingen te verstrekken. Voorwaarde is wel dat deze gegevens en inlichtingen voor uw belastingheffing van belang kunnen zijn. Dat wordt al zeer snel aangenomen. In bepaalde situaties waarbij vergrijpboeten aan de orde zijn, bent u niet tot meewerken verplicht. Bij vergrijpboeten geldt namelijk het beginsel dat men niet hoeft mee te werken aan zijn eigen veroordeling (het zogeheten nemo tenetur beginsel). Dit zwijgrecht is echter niet onbeperkt. Zo is onder meer van belang of de door de fiscus verzochte informatie wilsafhankelijk dan wel wilsonafhankelijk materiaal betreft en wanneer de fiscus om de gegevens verzoekt. Mocht u nadere informatie over de nuances van deze verplichtingen wensen, dan staan de advocaten en belastingadviseurs van Russo Van der Waal u uiteraard graag te woord.

Omkering bewijslast
Indien u niet of gebrekkig meewerkt aan het verstrekken van de gevraagde informatie, dan loopt u onder meer het risico dat de inspecteur de bewijslast ten nadele van u omkeert en verzwaart. Dat houdt in dat als u bezwaar wilt maken tegen een aanslag of beroept wilt instellen bij een rechter, u overtuigend moet aantonen dat u het door de inspecteur op de aanslag in aanmerking genomen inkomen niet heeft genoten. De Belastingdienst kan dan volstaan met aannemelijk te maken dat er sprake is van een redelijke schatting. Aan dit laatste worden in de rechtspraak geen hoge eisen gesteld. De mogelijkheid bestaat dan dat u geconfronteerd wordt met aanslagen die zijn gebaseerd op een veel hoger inkomen of vermogen dan u ooit hebt gehad.

Informatiebeschikking
Om de omkering en verzwaring van de bewijslast wegens het niet voldoen aan de informatieverplichtingen te bewerkstelligen, dient de inspecteur wel eerst een informatiebeschikking uit te vaardigen waarin hij aangeeft dat en waarom hij van mening dat u niet hebt voldaan aan uw wettelijke informatieverplichtingen en dat hij daarom de bewijslast ten nadele van u omkeert en verzwaard. Zonder informatiebeschikking kunnen de inspecteur en rechter de bewijslast niet omkeren en verzwaren wegens een schending van de informatieverplichtingen. Indien u het niet eens bent met een informatiebeschikking, kunt u daartegen binnen zes weken na de vaststelling ervan bij de Belastingdienst bezwaar maken. Tegen een afgewezen bezwaar kunt u in beroep bij de rechtbank, met de mogelijkheid van hoger beroep bij het gerechtshof en cassatie bij de Hoge Raad. De “sanctie” van de omkering en verzwaring van de bewijslast treedt pas in zodra de informatiebeschikking onherroepelijk vaststaat.

Kort geding
Omdat het afwachten van een procedure over een informatiebeschikking een langdurige aangelegenheid kan zijn, kiest de Belastingdienst bij vermeende zwartspaarders vaak voor een andere weg en spant men een kort geding aan. Behoudens bijzondere omstandigheden mag de Belastingdienst van de Hoge Raad vrijelijk kiezen tussen een informatiebeschikking en een kort geding. De Belastingdienst eist bij een kort geding meestal torenhoge dwangsommen, van tot duizenden euro’s per dag. Dat kan dus behoorlijk in de papieren lopen. Wordt u geconfronteerd met een dergelijk kort geding, dan is een advocaat met kennis van fiscale zaken aan te bevelen. De advocaten van Russo Van der Waal staan u daarbij graag bij.

Internationale gegevensuitwisseling
Inmiddels gaat de Belastingdienst nog een stapje verder en vraagt men via de autoriteiten in het buitenland informatie op over Nederlandse rekeninghouders bij banken in het betreffende land. Dat is onder meer gebeurd bij rekeninghouders van UBS Bank in Zwitserland. De Zwitserse autoriteiten hebben er blijk van gegeven geen problemen te hebben met deze verzoeken om gegevensuitwisseling en hebben ook al gegevens van Nederlandse rekeninghouders verstrekt aan de Nederlandse Belastingdienst. Of deze gegevensuitwisseling wel rechtmatig is, is nog maar de vraag. Een Zwitserse rechtbank heeft inmiddels geoordeeld dat alleen verzoeken om gegevens van specifieke personen voor toewijzing in aanmerking komen en dat de Nederlandse groepsaanvraag niet aan dat vereiste voldoet. Of de hoogste Zwitserse rechter daar ook zo over denkt, is nog even afwachten. Als de gegevensuitwisseling met betrekking tot de rekeninghouders bij UBS Bank succesvol verloopt, gaat de Belastingdienst zoals het er nu naar uitziet ook andere banken in Zwitserland benaderen. Het ligt dan voor de hand dat banken in andere landen hetzelfde lot zullen delen.

Nader advies
Zoals als u uit het bovenstaande kunt afleiden, zijn er nogal wat potentiële risico’s verbonden aan niet aangegeven buitenlands inkomen vermogen. De exacte gevolgen hangen uiteraard af van de individuele situatie. De advocaten en belastingadviseurs van Russo Van der Waal bespreken graag nader met u wat zij voor u kunnen betekenen. U bent van harte welkom voor een vrijblijvend, vertrouwelijk gesprek.